COLUMN #7 Iefke van Belkum ”CLUBLIEFDE”

En dan zit het seizoen er ineens op. Een weekend eerder dan gehoopt en met lege handen – iets wat we met ZVL de laatste jaren niet gewend zijn. Veel mensen weten dat ik slecht tegen mijn verlies kan, dus het zal ook geen verrassing zijn dat dit seizoen qua resultaten het stempel teleurstellend krijgt. Maar goed, nu ga ik heel subtiel over iets anders beginnen.😅

Twee weken geleden was het ook einde seizoen voor Heren 8 van De Zijl. En niet alleen einde seizoen; negen clubiconen van rond de 70 jaar speelden hun allerlaatste waterpolowedstrijd ooit. Zes daarvan speelden maar liefst 46 jaar (!!!) met elkaar. Mijn teamgenoten en ik maakten tijdens de wedstrijd grappen over hoe wij er over ongeveer 40 jaar bij zullen liggen. Ook mooi: er was bijna geen zitplek meer vrij.

Toen ik zo’n 16 jaar geleden mijn debuut maakte in Dames 1 van De Zijl voelde ik me jong tussen veel dames van bijna 30 jaar. Als broekie bij het Nederlands team dacht ik ook dat je mega oud was als je leeftijd met een 3 begon. En ik wist het zeker: ik ging echt niet meer te water als ik 30 zou zijn. En dan opeens heb je die leeftijd (vergeten en doorlezen!) en trek je toch nog steeds wekelijks je badpak aan. Maar waarom eigenlijk?

Teleurgesteld na de verloren halve finale tegen Polar Bears kijk ik om me heen in de kleedkamer en voel me moe, verslagen en oud. Als enige moeder van het stel en in een team met een gemiddelde leeftijd van ongeveer 10 jaar jonger, besef ik hoeveel geluk ik eigenlijk heb dat ik nog deel uit mag maken van zo’n gedreven team. Gek moment natuurlijk, omdat het verlies nog zo vers is. Overal om mij heen zie ik teleurgestelde en verdrietige koppies, maar ik weet ook meteen dat ik graag nog een seizoen door wil gaan met deze groep.

Ik stap in de auto en bedenk me nog iets. Naast mij in de kleedkamer zat onze keepster J.Lo, ook wel Jalou genoemd. Zo’n 9 jaar geleden ging ze trots als kleine pupil met mijn olympische medaille op de foto en nu spelen we met elkaar en hebben (te) veel lol. Ik denk aan onze midvoors Kitty en Brenda, elke keer weer compleet gesloopt en elkaar altijd steunend, omdat ze weten wat de ander meemaakt als midvoor.
En aan mijn pass buddies, Malissa en Brigitte, die me elke training stimuleren om een hoog tempo aan te houden in plaats van een keer rustig aan te doen. Aan onze twee captains, Marianne en Marloes, die de ploeg regelmatig op sleeptouw nemen en al zo veel mooie resultaten hebben behaald samen.
En dan nog aan een grote groep tieners, die zich elke dag afvragen waarom iemand van 30 jaar nog het water in gaat. Net zoals ik er 15 jaar geleden over dacht… Maar veel belangrijker nog is de drive die ze hebben om elke dag beter te willen worden en alles aanpakken om het maximale uit zichzelf te halen.

Ik kom balend thuis en mijn lieve dochter van 3 jaar, die al de hele dag ziek is, zegt: “Jammer mama, je hebt niet gewonnen. Maar je bent echt de beste en je had gescoord.” Ik vertel haar dat het niet erg is om te verliezen als je goed je best hebt gedaan. Volgens mij ben ik niet heel geloofwaardig en dit wordt bevestigd door een dikke knuffel om het beter te maken.
Oppas oma zegt ons gedag en gaat snel naar zwembad De Zijl. Want ondanks dat ze alleen dochters heeft, gaat ze bij Heren 1 van De Zijl kijken. Ik zet de livestream van de kwartfinale van de play-offs thuis aan, want ik ben dan wel chagrijnig, maar ook ik wil deze wedstrijd toch niet missen. Het zwembad zit bomvol en er wordt meerdere keren gesproken over de hel van Leiden.

Grappig dat deze “hel” mij na zo’n teleurstellende avond met ZVL toch een goed gevoel geeft. De heren winnen en gaan door naar de halve finales. Er klinkt “Sta op als je voor Leiden bent” tijdens de laatste minuut, de ontlading na afloop is enorm en de sfeer geweldig. Verlies en winst liggen maar weer eens dicht bij elkaar en je gunt het clubgenoten, ondanks dat je zelf nog steeds baalt. Zo gaat dat binnen een vereniging.

Dan nog het meest indrukwekkende voorbeeld van het soort clubliefde dat ik bedoel: de drukbezochte kerkdienst bij het afscheid van onze voorzitter Albert Spijker eind vorig jaar. Heel mooi om te zien dat vrijwel de hele vereniging én veel waterpoloërs van andere clubs aanwezig waren. Ik weet zeker dat deze clubliefde niet alleen in Leiden voelbaar is, maar bij tal van (sport)clubs door heel Nederland.

Ik begon deze column met het idee dat het seizoen klaar is, maar besef dat dát nooit zo is. Er staat ook nu nog veel op het programma: de halve finale voor de heren, NK’s voor verschillende jeugdteams en de play-offs van de B-jeugd. Hopelijk zullen bovenstaande teams mooie resultaten behalen. Maar mocht het niet zo zijn, dan ben ik toch blij dat ik onderdeel ben van deze club. Van mensen die samen lol maken, overwinningen vieren, teleurstellingen delen en altijd klaar staan voor elkaar als het nodig is. En daarom ben ik, ondanks onze uitschakeling, ook komende tijd gewoon in het zwembad te vinden. Want als je eenmaal bij een club hoort, wil je niet meer zonder.

Vanaf de Zijlijn.nl © 2017